Voordat ik je vertel hoe ik werk, wil ik je eerst meenemen in een stukje geschiedenis over mezelf. Ik denk dat dit belangrijk is om mij, mijn ‘waarom’ en mijn werkwijze beter te begrijpen. Want dit waarom en deze werkwijze hebben me in het verleden zowel veel gekost, maar vooral ook ontzettend veel gebracht.

Van jongs af aan ben ik gefascineerd door technologie. Ik ging vroeger bij een veel oudere vriend in de buurt langs om spelletjes op zijn Commodore 64 te spelen. Ik zocht mijn neef op om te zien hoe his MSX werkte en het Erix-besturingssysteem waar hij aan knutselde. He vertelde me dat het een soort Linux was; als dat eenmaal gemaakt kon worden, kon hij Erix naar de MSX brengen. Mocht je geen idee hebben wat dit allemaal betekent: no worries. Het zijn systemen uit een ver verleden. Ik weet niet precies hoe oud ik destijds was, maar ik was erg jong en we hadden thuis nog geen pc.

Tot het moment dat onze Tulip 286 het huis binnenkwam. Die machine was goud!

De drang om onder de motorkap van technologie te kijken

Ik kon er Paperboy op spelen, Commander Keen en TestDrive. Ik was helemaal in de wolken. Zo erg zelfs, dat ik wilde begrijpen hóé al die verschillende technologieën werkten. Wat deed de hardware precies? Hoe werd alles opgestart? Wat was het besturingssysteem, wat deed het, en via welke lagen communiceerde deze machine?

Op een gegeven moment ontdekte ik wat de autoexec.bat deed. Ik paste het bestand direct aan zodat de Tulip voortaan standaard opstartte in Paperboy in CGA-modus. Wat was mijn vader trots...

Nou ja, totaal niet eigenlijk, maar dat maakt niet uit! Pas jaren later begon hij het te waarderen.

Ik vertel dit verhaal omdat het laat zien dat ik dol ben op dit soort puzzels. Toen rond de millenniumwisseling het internet echt doorbrak en mijn vader een @home-breedbandverbinding voor ons regelde, kon mijn geluk niet op. Het beste cadeau dat hij me had kunnen geven. Jaren later hoorde ik pas dat hij dit puur deed omdat breedband goedkoper was dan ons urenlang via de telefoonlijn te laten aankloten, en hij het via zijn werk met korting kon krijgen. Maar boeiend! Het internet opende daadwerkelijk zijn deuren.

Waarom de AI-boom voelt als de begindagen van het internet

In die tijd was ik tussen de 12 en 18 jaar oud. Dat is niet een leeftijd waarop je bewust doorhebt wat voor een gigantische maatschappelijke verschuiving er plaatsvindt. Nu ben ik 42 en zie ik exact hetzelfde gebeuren. Mijn knutselende geest staat weer helemaal aan. Alleen dit keer neem ik de ervaringen van de opkomst van het internet, de mobiele telefoon, de smartphone en Web 2.0 met me mee.

Ik begrijp nu beter dan ooit wat er aan de hand is. Tegelijkertijd weet ik heel goed dat ik eigenlijk nog te weinig weet, maar dat geldt op dit moment voor nagenoeg iedereen. Mijn innerlijke, nieuwsgierige jongetje is in ieder geval weer wakker geschud. Dat was al heel lang niet meer gebeurd. Eigenlijk al niet meer sinds die vroege internetjaren. Alles wat er tussen eind jaren '90 en nu over ons uitgerold werd, voelde ergens logisch. Misschien was dat mijn tienergeest, maar op dit moment voelt het alsof we aan de vooravond staan van een fundamentele maatschappelijke verandering. Net zoals het internet dat destijds was.

Of we Artificiële Intelligentie daadwerkelijk 'intelligentie' mogen noemen? Die discussie ga ik alleen aan onder het genot van een alcoholische versnapering. Eigenlijk is het namelijk niet zo relevant. Wat we nu AI noemen is een verzameling van verschillende technologieën die samen een geweldig gereedschap vormen. Het helpt ons om informatie sneller en duidelijker te kneden tot een bruikbare, behapbare vorm. Net als die oude Tulip is AI een hele stapel aan samenwerkende technologieën en ik wil leren hoe die stapel in elkaar zit. Niet in uitputtend detail, maar in grote lijnen. Ik wil weten waar de moderne autoexec.bat zit en welk besturingssysteem ik kan draaien. Ik wil zien welke systemen 'Erix' zijn en welke de succesvolle 'Linux'-route kiezen.

Waarom gecentraliseerde AI gaat crashen (en open source wint)

We staan immers voor een grote crash, midden in een bizarre ontwikkelingssprint. Giganten uit de industrie gaan struikelen en verdwijnen uit het maatschappelijke geheugen, net zoals dat vroeger met Tulip gebeurde of de manier waarop IBM zijn consumentendominantie verloor.

Tegelijkertijd kan me dat allemaal aan mijn reet roesten. Hoewel een crash iedereen pijn gaat doen, blijft er namelijk altijd iets waardevols liggen als de storm gaat liggen. In mijn post van gisteren schreef ik al dat het energienet de grote infrastructurele winst gaat zijn van deze tech-boom.

Daarnaast denk ik dat er een enorme winst op het gebied van software overblijft: lokale AI-modellen.

In de begindagen van de computerindustrie leken mainframes en terminals de absolute toekomst te worden. Veel centrale rekenkracht die via thin-clients (domme schermen) beschikbaar werd gesteld. Een mega efficiënt idee op papier. Maar zoals ik vaak zeg: je kunt heel efficiënt domme dingen doen, je kunt niet heel effectief domme dingen doen. Gecentraliseerde mainframes bleken destijds in de praktijk niet betrouwbaar genoeg voor het individu. De uiteindelijke, écht effectieve route bleek een lokale computer op ieder bureau, in elk huis en inmiddels zelfs in iedere broekzak.

Mijn reis naar een privacyvriendelijke, lokale AI-workspace

Ik ben ervan overtuigd dat dit ook bij AI gaat gebeuren. De efficiëntie van de computermodellen en de hardware wordt momenteel in een angstaanjagend tempo groter, ironisch genoeg aangejaagd door die gigantische mainframes van nu: de datacenters. Hierdoor wordt het voor de gemiddelde persoon steeds interessanter om een compacte, krachtige versie van deze technologie lokaal te draaien én volledig in eigen eigendom te hebben.

Als eindgebruiker van AI heb je niet per se baat bij een netwerkeffect. De ontwikkelaars achter Gemini, ChatGPT, Meta en Claude hebben dat wel om hun modellen te trainen. Maar op een gegeven moment zijn de modellen voor de meeste mensen 'goed genoeg'. Bovendien leunen deze techgiganten zelf heftig op de innovaties uit de open-source gemeenschap om hun eigen software te verbeteren.

Al deze inzichten sturen mij rechtstreeks naar het bouwen van mijn eigen lokale AI-workspace. Om dit goed aan te pakken, ben ik momenteel aan het overstappen naar Linux (simpelweg het betere systeem voor dit werk) en speel ik volop met de Odysseus AI Workspace. Dit systeem is mede ontwikkeld door PewDiePie, een Minecraft-YouTuber die me eerlijk gezegd nooit boeide, totdat hij dit project startte.

Ik heb het platform nu draaien op mijn eigen machine. De komende tijd ga ik het zo inrichten dat ik in alle privacy mijn chats kan voeren en kan experimenteren, zonder dat de dieven van Big Tech over mijn schouder meekijken en ongevraagd van mijn data leren. Het wordt een fascinerende reis de komende jaren. En voor mij begint die reis hier.

Praat mee: Hoe kijk jij naar de toekomst van AI?

Ik ben heel benieuwd hoe jij hiertegenaan kijkt. Gebruiken we over vijf jaar allemaal massaal de grote cloud-systemen van Big Tech, of zie jij de verschuiving naar lokale hardware en open source ook gebeuren? En hoe bescherm jij je eigen data in dit AI-tijdperk?